Een lach op het gezicht van de bejaarde Gbagbo

Het was een dappere poging van rechter Cuno Tarfusser van het Internationaal Strafhof‚ bij de opening eind januari van de zaak tegen Laurent Gbagbo (70)‚ ex-president van Ivoorkust‚ en diens rechterhand Charles Blé Goudé (44). ‘Dit is een rechtszaak tegen twee verdachten‚ twee individuen. Geen politieke demonstratie’‚ waarschuwde hij de betrokkenen geen misbruik van het proces te maken.

Gbagbo weigerde eind 2010 af te treden nadat de huidige president Alassane Ouattara hem had verslagen bij de verkiezingen. Vier maanden geweld en chaos waren het gevolg‚ waarbij zo’n drieduizend doden vielen. Pas na ingrijpen van Frankrijk kon Ouattara aantreden.

Opgehitst
De ‘pro-Gbagbo-krachten’ maakten in die vier maanden moordend en verkrachtend jacht op iedereen die in hun ogen Ouattara-aanhangers waren‚ zegt hoofdaanklager Fatou Bensouda tijdens de opening van de strafzaak. Etnische zuiveringen‚ onder meer tegen moslims uit het noorden‚ werden ‘aangemoedigd en opgehitst’ door Ble Goude‚ leider van de Gbagbo-Jeugd en ‘generaal van de straat’‚ met goedkeuring van Gbagbo. Alles gebeurde vanuit het vooropgezette plan ‘alles te doen om aan de macht te blijven.’

Nadat getuigenissen bij andere zaken ondeugdelijk bleken‚ wil de aanklager nu niets meer aan het toeval overlaten. Om de misdaden tegen de menselijkheid te bewijzen in de aanklachten tegen Gbagbo en Blé Goudé‚ wil zij maar liefst 138 getuigen oproepen. Dat zijn er ‘meer dan in de zaken Lubanga‚ Katanga en Ruto tezamen’‚ klaagde Gbagbo’s advocaat‚ verwijzend naar drie andere Strafhofzaken.

Politiek
De verdediging had ‘te weinig tijd’ gekregen om alle bewijzen te onderzoeken‚ vervolgde hij‚ en hij insinueerde dat de zaak nu al van een zekere ‘visie’ is doordrongen‚ ‘waardoor we van het gebied van de wet afdwalen naar het gebied van de aannames’. ‘Als iemand politiek in de zaak brengt‚ bent u het’‚ reageerde Eric McDonald geergerd namens het team van aanklagers‚ erop wijzend dat alle bezwaren van de verdediging eerder al waren geuit en weerlegd.

De kennelijke herhaling door de advocaat was dan ook vooral bedoeld voor de bühne – de tallozen die de zaak online volgen en de tientallen Gbagbo- fans op de publieke tribune in Den Haag‚ die aan het eind van de procesdag klappend en zwaaiend een brede lach toverden op het gezicht van hun bejaard ogende ‘prési‚ prési’‚ zoals ze scandeerden.

Bloed
Volgens de Gbagbo-aanhangers is het proces een een-tweetje tussen Frankrijk en Ouattara. Ze weten dat kans verwaarloosbaar is dat bondgenoten van Ouattara met bloed aan hun handen‚ zoals voormalig rebellenleider Guillaume Soro‚ de huidige parlementsvoorzitter‚ worden uitgeleverd aan het Strafhof.

Dat is niet de schuld van het hof: het kan slechts verdachten berechten die in de rechtszaal verschijnen. Maar het leidt ertoe dat het instituut als politiek instrument wordt gezien‚ of de aanklagers en rechters het willen of niet.

Over de auteur

Marnix de Bruyne (1965) is redacteur van mensenrechtenmagazine Wordt Vervolgd, een uitgave van Amnesty International. Eerder was hij correspondent in Zuid-Afrika voor Het Parool in (1999-2000) en redacteur Afrika bij de Volkskrant (2003-2011). Voor die krant schreef hij over het Sierra Leone-tribunaal en de eerste rechtszaken van het Internationaal Strafhof. In 2010 publiceerde De Bruyne 'Het land van Soekmekaar', over de worstelingen van het dorp Soekmekaar met het nieuwe Zuid-Afrika, vooral met de landhervorming. In het voorjaar van 2016 verschijnt zijn boek 'We moeten gaan', over Nederlandse boeren in Zimbabwe.
Andere bijdragen door

27

02 2016

Your Comment


Over De Zaak

Weblog over rechtszaken met internationale dimensies, waaronder zaken van het Internationaal Strafhof en andere internationale gerechtshoven.

 

De Zaak draait op WordPress MU. Gebaseerd op Yashfa ver. 1.7 door WP GPL
Entries (RSS) and Comments (RSS).