De spiegel van de mensheid

Vrijwel elk nieuw proces bij het Internationaal Strafhof leidt standaard tot twee vragen bij de waarnemers van het hof. De eerste is: waarom is deze verdachte gekozen en niet een andere? De tweede: waarom staat hij voor deze misdrijven terecht en niet (ook) voor andere?

Zo ook eind september, toen Ahmad Al Mahdi Al Faqi, alias Abu Tourab, werd voorgeleid voor de rechters in Den Haag. De extremist uit Mali wordt ervan verdacht te hebben deelgenomen aan de verwoesting van tien religieuze en historische gebouwen in Timboektoe. De stad is al sinds de Middeleeuwen een centrum van islamitische wetenschap en staat bekend om zijn eeuwenoude graftombes en honderdduizenden manuscripten in oude bibliotheken.

Slavernij
Mensenrechtenorganisaties hebben de aanklager opgeroepen de verdachte ook te vervolgen voor verkrachting, slavernij en het arrangeren van gedwongen huwelijken. Daar zijn voldoende bewijzen voor, menen ze. Zo circuleren er op internet video’s waarin Abu Tourab als hoofd van de zogeheten ‘islamitische politie’ zweepslagen uitdeelt aan mannen en vrouwen die buitenechtelijke relaties zouden hebben.

Maar Fatou Bensouda, de aanklager van het Strafhof, vindt dat cultureel erfgoed ‘de spiegel van de mensheid’ is en dat het daarom bijzondere bescherming verdient. Met het vervolgen van Abu Tourab hoopt Bensouda anderen er van te weerhouden dat ze met pikhouwelen monumenten te lijf gaan.

Blogger
Er zijn ook Strafhof-watchers die vinden dat Abu Tourab niet vervolgd moet worden. Zo schreef Fatouma Harber, een bekende blogger uit Timboektoe die de verdachte ooit Franse les gaf, dat het Strafhof de verkeerde man had opgepakt. Anderen zouden volgens haar een veel belangrijkere rol hebben gespeeld bij de bezetting van de stad in 2012 en het massale geweld tegen burgers dat daarop volgde.

De zaak-Abu Tourab past in het nieuwe vervolgingsbeleid van de aanklager van het Hof. Onlangs kondigde ze aan dat ze zich niet meer alleen zou richten op politieke of militaire leiders maar ook op het middenkader of lager. Via deze strategie zou voldoende bewijs naar boven komen om in een later stadium ook de grote jongens aan te pakken. Het Strafhof heeft immers slechte ervaring met staatshoofden die de hun vervolging weten te traineren, zoals de presidenten Omar al-Bashir van Sudan en Uhuru Kenyatta van Kenia.

Godfathers
Ook het Openbaar Ministerie in Nederland begint bij de aanpak van de georganiseerde misdaad eerst de uitvoerders te vervolgen, de witwassers, ronselaars en koeriers, om pas daarna, als al het bewijs op tafel ligt, de Holleeders en andere godfathers aan te pakken. Fatou Bensouda begint dan ook steeds meer te lijken op een gewone crime fighter en het Internationaal Strafhof zelf op een reguliere rechtbank. Omwille van de effectiviteit is dat een goede zaak.

 

Over de auteur

Frederiek de Vlaming werkt bij de Rechtenfaculteit van de Universiteit van Amsterdam, afdeling Internationaal Strafrecht. Zij promoveerde in 2010 op een proefschrift over het beleid van de aanklager van het Joegoslavië Tribunaal. Zij was onder meer werkzaam bij Amnesty International en UNHCR. Zij woont in Amsterdam.
Andere bijdragen door

23

10 2015

2 Comments Add Yours ↓

The upper is the most recent comment

  1. Theo Benschop #
    1

    Ik woon in de buurt van de strafgevangenis van Scheveningen, en heb de volgende ervaring.

    Je leest zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten is gebeurd regelmatig in de krant dat een verdachte in de strafgevangenis in Scheveningen in afwachting van zijn of haar proces bij het Internationaal Strafhof in Den Haag is opgesloten.

    Ook is het voorgekomen dat een verdachte die van de internationale pers grote aandacht verdient met een helicopter wordt aangevlogen. Dit is een plaatselijk gebeuren met allerhande wagens met uitzendapparatuur en dranghekken voor het publiek, welk vreedzame gebeuren dan ook de onuitwisbare indruk achterlaat dat het ook Sinterklaas had kunnen zijn die wordt binnengehaald: de kinderen zwaaien naar de helicopter, en misschien zwaait de verdachte Sinterklaas wel terug!

    Anders dan de auteur stelt, is het eerste en waarschijnlijk het laatste wat de verdachte in een proces zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten is gebeurd bij het Internationaal Strafhof in Den Haag naar voren brengt, is het feit dat hij of zij de onafhankelijkheid van het Internationaal Strafhof in Den Haag ten zeerste betwist.

    Hij of zij stelt dan ook dat hij of zij van mening is dat het Internationaal Strafhof in Den Haag zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten heeft plaatsgevonden slechts een zinloos partijdig showproces kan zijn.

    Aangezien bijvoorbeeld Amerika, de zichzelf controlerende verreweg sterkste politie-agent van de wereld, het Internationaal Strafhof in Den Haag niet erkent, en de Verenigde Naties kennelijk in een brevet van onvermogen geen centjes hebben om een neutraal eiland in de zee te kopen, kan het Internationaal Strafhof deze indruk van partijdigheid in de uitspraken zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten is gebeurd dan ook niet wegnemen.

    De auteur stelt dat bij vrijwel elk nieuw proces bij het Internationaal Strafhof waarnemers van het hof de twee standaard vragen stellen, namelijk

    “Waarom is deze verdachte gekozen en niet een andere?” en

    “Waarom staat hij voor deze misdrijven terecht en niet (ook) voor andere?”

    Om de simpele reden dat iedereen onschuldig is tot het tegendeel is bewezen gaat de auteur van de van de veronderstelling uit dat waarnemers van het Internationaal Strafhof in Den Haag hetgeen waar de verdachte door het Internationaal Strafhof in Den Haag van wordt beschuldigd en waarvoor hij of zij in de strafgevangenis in Scheveningen in voorarrest is opgesloten kennelijk zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten heeft plaatsgevonden niet in de aanklacht hebben kunnen lezen,

    wat dan uiteraard standaard voor de waarnemers van het Internationale Strafhof zoveel jaar na dato een kwalijke zaak is.

    De auteur stelt dat eind september Ahmad Al Mahdi Al Faqi, alias Abu Tourab, werd voorgeleid voor de rechters in Den Haag.

    De auteur stelt dus niet dat eind september de verdachte A.A.M.A.A.F. werd voorgeleid voor de rechters in Den Haag.

    De auteur stelt “De extremist uit Mali wordt ervan verdacht te hebben deelgenomen aan de verwoesting van tien religieuze en historische gebouwen in Timboektoe. De stad is al sinds de Middeleeuwen een centrum van islamitische wetenschap en staat bekend om zijn eeuwenoude graftombes en honderdduizenden manuscripten in oude bibliotheken.”

    In hetgeen wat de auteur over de verdachte stelt dient aangenomen te worden dat de wereld reeds feitelijk in de kranten tot de objectieve conclusie is gekomen dat dit onomstotelijk bewezen is, zodat het Internationaal Strafhof in Den Haag zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten is gebeurd kan volstaan met het bepalen van de strafmaat waar de wereld zich in kan vinden,

    zodat zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten is gebeurd hetgeen wat voor de wereld krom was, nu voor het oog van de wereld door het Internationaal Strafhof in Den Haag in een uitspraak die de wereld recht doet recht is getrokken.

    In hetgeen wat de auteur zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten is gebeurd stelt in het gedeelte

    “Slavernij

    Mensenrechtenorganisaties hebben de aanklager opgeroepen de verdachte ook te vervolgen voor verkrachting, slavernij en het arrangeren van gedwongen huwelijken. Daar zijn voldoende bewijzen voor, menen ze. Zo circuleren er op internet video’s waarin Abu Tourab als hoofd van de zogeheten ‘islamitische politie’ zweepslagen uitdeelt aan mannen en vrouwen die buitenechtelijke relaties zouden hebben.”

    kan uiteraard niet juist zijn: een nationale of internationale rechtbank zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten is gebeurd oproepen om recht te spreken is immers hetzelfde als een dokter op te roepen om mensen te gaan genezen, of hetzelfde als een politicus of regeringsleider oproepen om geen zinloos bloedvergietende oorlogen te voeren.

    Hetgeen wat de auteur stelt in het gedeelte

    “Maar Fatou Bensouda, de aanklager van het Strafhof, vindt dat cultureel erfgoed ‘de spiegel van de mensheid’ is en dat het daarom bijzondere bescherming verdient. Met het vervolgen van Abu Tourab hoopt Bensouda anderen er van te weerhouden dat ze met pikhouwelen monumenten te lijf gaan.”

    kan dit zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten is gebeurd dan ook niet juist zijn: een rechtbank kan immers niet anders dan een persoonlijke voorkeur van een aanklager feitelijk naast zich neerleggen.

    Hetgeen wat de auteur zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten is gebeurd stelt in het gedeelte

    “Blogger
    Er zijn ook Strafhof-watchers die vinden dat Abu Tourab niet vervolgd moet worden. Zo schreef Fatouma Harber, een bekende blogger uit Timboektoe die de verdachte ooit Franse les gaf, dat het Strafhof de verkeerde man had opgepakt. Anderen zouden volgens haar een veel belangrijkere rol hebben gespeeld bij de bezetting van de stad in 2012 en het massale geweld tegen burgers dat daarop volgde.”

    zou dan ook feitelijk vanuit het point of view van deze Strafhof-watchers gezien geheel juist kunnen zijn: mensen die van de plaatselijke omstandigheden zoveel jaar voor hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten is gebeurd op de hoogte zijn, dienen in ieder proces immers te worden gehoord.

    Hetgeen wat de auteur stelt in het gedeelte

    “De zaak-Abu Tourab past in het nieuwe vervolgingsbeleid van de aanklager van het Hof. Onlangs kondigde ze aan dat ze zich niet meer alleen zou richten op politieke of militaire leiders maar ook op het middenkader of lager. Via deze strategie zou voldoende bewijs naar boven komen om in een later stadium ook de grote jongens aan te pakken. Het Strafhof heeft immers slechte ervaring met staatshoofden die de hun vervolging weten te traineren, zoals de presidenten Omar al-Bashir van Sudan en Uhuru Kenyatta van Kenia.”

    kan uiteraard niet juist zijn: een nationale of internationale rechtbank doet op basis van feiten een uitspraak, en laat zich uiteraard niet traineren door wie dan ook, tenzij het Internationaal Strafhof in Den Haag dit laat gebeuren, wat voor het Internationaal Strafhof in Den Haag zoveel jaar na dato van hetgeen wat aan zinloos bloedvergieten heeft plaatsgevonden uiteraard slechts een internationaal brevet van onvermogen kan zijn.

    Hetgeen wat de auteur stelt in

    “Godfathers

    Ook het Openbaar Ministerie in Nederland begint bij de aanpak van de georganiseerde misdaad eerst de uitvoerders te vervolgen, de witwassers, ronselaars en koeriers, om pas daarna, als al het bewijs op tafel ligt, de Holleeders en andere godfathers aan te pakken. Fatou Bensouda begint dan ook steeds meer te lijken op een gewone crime fighter en het Internationaal Strafhof zelf op een reguliere rechtbank. Omwille van de effectiviteit is dat een goede zaak.”

    kan gezien het bovenstaande dan ook met name gelet op de effectiviteit uiteraard niet juist zijn, tenzij kennelijk het Openbaar Ministerie in Nederland er moeite mee heeft om hetgeen wat voor de rechtbank met feiten bewezen dient te worden voor de rechtbank aan te dragen, en de rechtbanken in Nederland de verdachten wegens gebrek aan bewijs dan ook vrij dienen te laten.

  2. Theo Benschop #
    2

    “(…) Om de simpele reden dat iedereen onschuldig is tot het tegendeel is bewezen gaat de auteur van de veronderstelling uit (…)”



Your Comment


Over De Zaak

Weblog over rechtszaken met internationale dimensies, waaronder zaken van het Internationaal Strafhof en andere internationale gerechtshoven.

 

De Zaak draait op WordPress MU. Gebaseerd op Yashfa ver. 1.7 door WP GPL
Entries (RSS) and Comments (RSS).